Deelonderzoek inhoud

Staat je site op PRO, dan is de techniek al centraal onderzocht. Wat je redactie zelf publiceert niet. Hier lees je wat wij dan onderzoeken, hoe de steekproef tot stand komt en wat er uit het onderzoek komt.

Wat wij doen

Wat wij onderzoeken

Wij kijken naar alles wat je redactie zelf in het CMS zet. Denk aan de tekst bij een afbeelding, de koppen boven je alinea’s, de woorden waarmee je naar een andere pagina linkt, de ondertitels bij je video’s, je tabellen en de taal van een anderstalige pagina. De techniek van PRO laten wij met rust, want die onderzoekt Dienst Publiek en Communicatie al voor je.

34 succescriteria uit WCAG 2.2 niveau A en AA gaan over het werk van de redactie. Die onderzoeken wij, volgens WCAG-EM, de evaluatiemethode van het W3C.

Lees waarom dat moet en wat de wet precies vraagt.

Voorbeelden

5 toetsen, en wat wij het vaakst vinden

Om te laten zien hoe zo’n onderzoek eruitziet, lichten wij er 5 toetsen uit. Juist deze 5 leveren op websites van Platform Rijksoverheid Online de meeste bevindingen op. Wij halen ze uit ons eigen werk: 116 bevindingen over 10 PRO-websites, van de voorpagina tot de formulieren.

1. Is een kop ook echt een kop?

Tekst die eruitziet als een kop, maar in de code geen kop is. Veruit de grootste groep: een derde van alles wat wij vinden.

Wie de pagina ziet, herkent een kop aan de vorm: groter, vetter, lucht eromheen. Wie hem laat voorlezen, ziet die vorm niet. Een schermlezer leest alleen wat in de code staat, en daar is vet gewoon vet. Iemand die blind is kan dan niet van kop naar kop springen zoals jij met je ogen over de pagina springt, maar moet alles van voor naar achter afluisteren.

Hetzelfde geldt voor opsommingen. Op één site vonden wij een contactblok met een e-mailadres en een telefoonnummer onder elkaar. Voor het oog één lijstje; in de code waren het 2 losse lijsten van elk één regel. Voorleessoftware kondigt dan 2 keer “lijst met 1 item” aan.

2. Zegt het tekstalternatief wat er te zien is?

Een afbeelding die informatie draagt, zonder dat die informatie ergens in tekst staat.

Een tekstalternatief is de zin die wordt voorgelezen in plaats van de afbeelding. Het gaat vooral mis bij campagnebeelden met tekst erin. Wij troffen een beeldschermbrede afbeelding aan met de tekst “Ben je Bob, zeg het hardop”, en elders “Tussenuurtje? Tijd genoeg om je donorkeuze in te vullen”. Beide zonder tekstalternatief. Wie niet ziet, mist de boodschap volledig. En dat is precies de boodschap waar de campagne om draait.

Wij kijken ook naar de andere kant: een afbeelding die puur versiering is, hoort juist een leeg tekstalternatief te krijgen, zodat voorleessoftware hem overslaat.

3. Heet een link zoals hij er staat?

De naam die voorleessoftware hoort, is een andere dan de tekst die je leest.

Dit is de minst bekende van de 5 en hij komt verrassend vaak voor. Op een pagina staan de links “UBO-opgave kvk.nl” en “Ultimate Beneficial Owner (UBO) kvk.nl”. In de code heet zo’n link niet zo: daar staat het webadres. Voor wie leest maakt dat niets uit. Voor wie de computer met zijn stem bedient wel: die zegt “klik UBO-opgave”, en er gebeurt niets, omdat de computer die naam niet kent.

Het treft ook mensen met een motorische beperking en iedereen die de site handsfree gebruikt. De oplossing is eenvoudig: zorg dat de zichtbare tekst ook de naam is.

4. Blijft alles bruikbaar als je inzoomt?

Content die wegvalt of waarvoor je heen en weer moet vegen zodra het scherm smal wordt.

Wie slecht ziet, zet de pagina op 400 procent. Wat overblijft is een venster zo breed als een telefoon. Dan moet alles er nog steeds staan en moet je alleen op en neer hoeven scrollen, niet ook heen en weer. Een brede tabel of een ingesloten module doet dat laatste wel.

Op één site verscheen bij een opiniemodule de melding dat het scherm te klein was, waarna de hele module verdween. De bezoeker die het meest op vergroten is aangewezen, kon juist daar niets meer.

5. Zegt een kop of een knop waar hij over gaat?

Een kop zonder iets eronder, of een knop die alleen “Verder” heet.

Koppen en labels zijn de wegwijzers van een pagina. Een schermlezergebruiker vraagt vaak eerst een lijst van alle koppen op, zoals jij een pagina afspeurt. Staat er een kop “Korte Vijverberg 3.” zonder tekst eronder, dan belooft die wegwijzer iets wat er niet is.

Bij knoppen gaat het om hetzelfde: 4 afbeeldingen die als knop dienst doen zonder tekstalternatief leveren 4 keer dezelfde naamloze knop op. Wie niet ziet welke foto erbij hoort, kan niet kiezen.

Dit zijn 5 van de 34 criteria die wij toetsen. Een volledig onderzoek loopt ze alle 34 na, op elke pagina in de steekproef: ook de ondertitels bij video’s, de taal van anderstalige pagina’s, de foutmeldingen in formulieren, het kleurcontrast en de volgorde waarin een schermlezer de pagina doorloopt.

Bekijk de 10 fouten die wij het vaakst tegenkomen, met per fout wat je anders doet en hoe je het zelf controleert.

Onze werkwijze

Hoe wij het doen

  1. Steekproef

    Wij lezen eerst de sitemap van je site en kiezen daaruit een steekproef die alle soorten pagina’s dekt: nieuwsberichten, onderwerppagina’s, formulieren en anderstalige pagina’s. Daar trekken wij een aantal pagina’s willekeurig bij, zoals WCAG-EM dat voorschrijft. In het rapport leggen wij uit waarom we juist deze pagina’s hebben gekozen.

  2. Onderzoek

    Wij openen elke pagina in een echte browser, precies zoals je bezoeker dat doet. Daarin kijken wij naar je koppen, tabellen, lijsten, linkteksten, formuliervelden en taalaanduidingen. Je video’s en geluidsfragmenten pakken wij erbij: zijn er ondertitels, zijn ze compleet, en lopen ze gelijk met het beeld? Je formulieren vullen wij zelf in, want anders zien wij de foutmeldingen nooit.

  3. Beoordeling

    Wat een machine kan vaststellen, laten wij een machine doen. Alles wat een oordeel vraagt, bekijkt een onderzoeker zelf. Vertelt die tekst bij de afbeelding werkelijk hetzelfde als het beeld? Begrijpt iemand waar die link heen gaat? Bij elke bevinding in het rapport lees je hoe wij eraan gekomen zijn.

  4. Rapport

    Wij wijzen de fouten aan en schrijven erbij hoe je ze oplost. Je rapport loopt de succescriteria langs, en bij elke bevinding lees je waar die zit, hoe het komt, wat je bezoeker ervan merkt en wat je eraan doet. Dat laatste houden wij niet algemeen: wij leggen stap voor stap uit wat je in het CMS van PRO moet doen, tot en met het veld waar je moet zijn. Je redactie kan er meteen mee aan de slag en hoeft niet eerst uit te zoeken hoe het ook alweer werkte.

Heb je nog vragen?

Twijfel je of jouw site onder de vaste prijs valt, of wil je eerst weten wat je precies krijgt? Stel je vraag, je krijgt gewoon een mens aan de lijn.